Print pagina
Snelmenu / Columns / 02-08-09: Heleen van Aalst

Column archief

Columniste Olga LeeverHeleen van Aalst ontmoet op haar 41e haar nieuwe liefde Elwin. Hij heeft twee zonen, Tim (7)en Vincent (10). Zij heeft geen kinderen. Na een latrelatie trouwen ze in 2007. Haar stiefzonen wonen bij hun moeder en haar nieuwe man. Door de jaren heen is de bezoekregeling van de jongens aan verandering onderhevig. Elke maand beschrijft Heleen het wel en wee met de stiefkinderen en hun moeder op de 'achtergrond'.

Mijn eerste vakantie

Een column van Heleen van Aalst, 02 augustus 2009

Mijn eerste vakantie met Elwin en zijn twee jongens was een festival van beginnersfouten. Achteraf  zie ik terug op dingen die me nu niet meer overkomen maar toen? We bedoelden het goed, maar oh wat was ik ongelukkig in die tent op een Franse camping.  Dit was eens maar nooit meer, heb ik mezelf  beloofd op de tiende dag van deze 'vakantie'.

Laat ik bij het begin beginnen. Twee weken samen op een plek is veel te lang als je zoals ik al ergernis heb na een weekend. Zuid-Frankrijk is te ver weg als je twee hele wilde kinderen bij je hebt, die niet gewend zijn aan reizen, een paar uur stil zitten en niet luisteren naar je of naar hun papa. Op de heenreis  hadden we boekjes en potloden achter in de auto gedaan, wat drinken enz. Hun moeder gaf ze een ongelooflijke puntzak snoep mee, hun oma deed hetzelfde. Voorbij Klaverblad Oudenrijn zagen ze al groen van misselijkheid van het snoepen. Ik adviseerde Elwin in een van de rijpauzes, een groot deel van al dat snoepgoed achter in de auto te leggen waar ze dan tijdens de reis niet meer bij konden, hadden ze de andere dagen ook nog wat.  Hun papa vond dat 'zielug' en 'niet nodig'. Hij zei af en toe vrijblijvend, "niet zoveel snoepen jongens." Dan vergeet ik nog te schrijven dat we de kinderen ophaalden  bij het nieuwe huis van hun moeder en haar partner. Zij zouden het nieuwe huis in de drie weken dat Vincent en Tim bij hun papa waren, schilderen en inrichten. Tim had al verteld dat ze bij hun  moeder een echte mooie keuken kregen, niet zo’ouwe als bij ons en meer van dat soort mededelingen, die ik alleen voor kennisgeving had aangenomen. Diezelfde moeder zei bij het afscheid tegen de kinderen: "Tja, jullie gaan lekker op vakantie, je moeder zou ook wel willen maar ze kan het niet betalen."  Dus we vertrokken al met kinderen met een trillip en betraande ogen. Rook het snoepgoed  zoet, de kots zuur in de warme auto.

Elwins kinderen kunnen een uur samen spelen, maar daarna is het ruzie. Elwin en ik reden omstebeurt en we stopten zeer regelmatig  onderweg, het gewone verhaal vermoed ik, ze hoeven niet te plassen, je rijdt weg en ze moeten alsnog. Op de camping aangekomen, vonden de kinderen helaas geen vriendjes. Tim is van zichzelf al eenzelvig maar op de camping wilde hij alleen bij papa op schoot of tegen papa aanhangen. Ik ben het niet gewend 24/7 kinderen om me heen, die ruzie maken, troep maken maar niets opruimen, zich vervelen, klieren met eten en roepen dat het 'vies' is en dat ze niets lusten.  Het ontlasting-probleem van de oudste werd nog erger op de camping. De kinderen hingen verveeld om ons heen, wilden niets, sloegen elkaar met de tennisrackets, gooiden express met jeu de boule-ballen op elkaars voeten.  Kortom er heerste geen vakantie-stemming.

Nu ben ik redelijk stress-bestendig en praktisch in mijn handelen. Dus toen Elwin op de derde dag constateerde dat Vincent maar drie onderbroeken bij zich had, inclusief degeen die hij aan had op de heenreis, gaf ik hem een emmer met wasmiddel en kon hij aan de slag. Ik liet hem zijn gang gaan en beproefde de methode hoe water op te gieten in een filter voor koffie. Ik had immers meer dan 20 jaar niet gekampeerd, behalve in het voorjaar om het weer uit te proberen.  Ondertussen vertelde ik dat ik zes nieuwe jongensonderbroeken had gekocht bij de Hema voor we op reis gingen. Ik zag de bui al hangen na diverse verrassingen in de weekends, ik bedoel zowel de ontlastingsproblematiek als de inhoud van de tassen van de jongens. De onderbroeken waren qua maat en kleur exact wat ze al hadden en ik stelde voor de ergste onderbroeken die  toch al kapot waren te vervangen. Mijn verkering keek blij verrast bij deze meevaller.

Van tevoren  hadden we afgesproken dat met name de jongste redelijk aan zijn slaaptijden gehouden moest worden, het kind kan echt niet tegen veel slaapgebrek. Eigenlijk kwamen zijn woede-aanvallen toen al aan het licht, hoe minder slaap hoe prikkelbaarder het kind is. En hoe prikkelbaarder het kind is, hoe meer  woede-aanvallen. Bij de oudste met zijn darmproblemen zouden we toezien op zijn cola-inname en vettigheid eten. In die periode kon Elwin het woord 'nee' niet uitspreken tegen zijn kinderen. Ze zeurden en dreinden en wisten dat ze dan hun zin kregen, dus gingen ze te laat naar bed en waren we vlot door het wasmiddel heen, dat laatste was onze minste probleem.  Ik was al snel dat strenge mens. Na zes korte, gebroken nachten stond ik dag  zeven onder de douche mezelf moed in te praten. Elwin en ik zouden de boel opbreken en naar een andere camping gaan, misschien zou het dan beter gaan. De camping lag een paar uur richting Nederland, dus de terugweg zou minder lang zijn. Ik weet nog dat ik zag hoe de shampoo en de haren van een mevrouw in de douche naast me over mijn voeten stroomden en dat ik brak. Ik begon te huilen onder de douche. Ik droogde me af maar de tranen waren niet te stoppen.

De bewuste treurige tiende dag van de 'vakantie' (ik telde letterlijk de dagen) knalde de situatie. De kinderen hadden opnieuw ruzie gekregen met andere kinderen in het prachtige zwembad en Elwin zou even met ze gaan wandelen, zodat ik voor het eerst deze trip een uurtje  ongestoord in een boek kon lezen. Samen een kop warme koffie op drinken, was nog niet gelukt. Enfin, de kinderen wilden niet en in de verte hoorde ik ze al weer ruzie maken. Ik stond te beven op mijn benen.  Elwin geeft toe aan het vijfde (!) ijsje van die dag, geeft zijn kinderen daarvoor geld en loopt naar mij toe. Ik geef mijn ongezouten commentaar op zoveel dom gedrag van pa in mijn ogen. Dan komt de oudste met veel geschreeuw en gehuil aanlopen, de jongste die fors van postuur is, heeft hem gekrabt en geslagen.  Het ziet er werkelijk niet uit, heden ten dage zie je nog een litteken. De kleine driftkikker gaat alsnog tekeer en trekt het shirt van zijn broer verder stuk. Elwin probeert eerst het verhaal aan te horen en besluit dat Tim eerst moet afkoelen in de tent. De oudste moet verzorgd worden op zijn rug.  Tim luistert niet naar zijn vader en vloekt verder. Dus ik stuur hem naar binnen met de mededeling dat hij de tent in moet en hij blijft staan voor de deuropening en kijkt heel uitdagend. Hij steekt zelfs zijn tong uit naar mij. Elwin laat dat allemaal toe, dus ik dreig: 'als je nu niet gaat, moet je eens zien wat er gaat gebeuren.' En dan begint hij te vloeken, tegen mijn benen te schoppen en me voor een mevrouw met een ernstige ziekte uit te maken. Elwin staat verstijft en doet niets terwijl ik de jongste beet pak en de tent in duw en de rits dicht trek met de woorden, 'uit mijn ogen rotjoch, koel eerst maar eens af.' 'Dat doet hij bij mijn moeder ook,' snikt de oudste overstuur. 'Die noemt hij ook een hoer.'

Die avond stuurde Elwin zijn kinderen voor het eerst op tijd naar bed. Ze waren doodmoe. Wij hebben  een verschrikkelijke ruzie gemaakt en ik heb dringend gezegd, we moeten naar huis, we zijn allemaal overstuur. Elwin vond dat we de week op deze mooie camping die weliswaar van alles verlaten op een heuvel lag, de kans moesten geven. We hebben toen opnieuw regels afgesproken.

Na twee weken was ik gesloopt.  Elwin nam zijn jongens nog een dagje mee naar een avontuurlijk kamp waar je aan een stevige uitrusting door de boomtoppen kon suizen, na aandringen van mij. Ik had echt een dagje nodig om bij te komen zonder de jongens om me heen.  Hij vroeg zich nog af, of het niet ongezellig voor me was. Ik vertelde hem dat het de beste dag van deze vakantie was en dat mijn  enige ontspanning tot nu toe was een boodschapje halen als ik alleen naar de campingwinkel liep, even rust aan mijn hoofd.  Daar kregen we ruzie over.  De terugreis was lang, heel lang. Hij zette me af bij mijn huis in Friesland en wilde even rustig afscheid nemen maar ik zei alleen: 'ga alsjeblieft weg, ik kan niet meer.' De kinderen waren alweer ruzie aan het maken in de auto, die gewoon schommelde van alle wilde bewegingen. Elwin  probeerde opnieuw een gesprek met me te hebben, ik zei zenuwachtig: 'Ze maken elkaar nog af.'

'Ze doen maar even,' zei hij grimmig. We waren een illusie armer. Elwin zijn plaatje van compleet gezinnetje, zijn lieve vriendin en zijn lieve kinderen viel in duigen. Ik dacht alleen maar onze relatie is over. Totaal overstuur liep ik mijn huis in en dacht de hele avond, wat is het hier stil en schoon. Als een zombie met ruis in mijn oren terwijl mijn hart bonkte. Elwin zou de laatste dagen van de vakantie bij zijn ouders langsgaan met de kinderen. Nadat ik ongelukkigerwijs twee maal zijn telefoontje mis liep, dacht hij ook dat onze relatie over was.